EU: Twee nieuwe voedseletiketten voor glutenintolerantie per 2016

World Trade OrganizationDe EU heeft bij de Wereldhandelsorganisatie (WTO) aangekondigd dat het van plan is de volgende twee nieuwe labels toe te staan op voeding voor personen met glutenintolerantie:

  • “glutenvrij”: max. 20 ppm gluten (ongewijzigd).
  • “met zeer laag glutengehalte”: max. 100 ppm gluten (ongewijzigd).
  • Nieuw label: “geschikt voor personen met een glutenintolerantie”: mag vermeld worden in aanvulling op “glutenvrij” of “zeer laag glutengehalte” labels, zonder aanvullende eisen.
  • Nieuw label: “speciaal geformuleerd voor personen met een glutenintolerantie”: mag vermeld worden in aanvulling op “gluten-free” of “very low gluten” labels, als het product speciaal geproduceerd is om
    • het glutengehalte van glutenbevattende ingrediënten te beperken (lees: glutenvrij tarwezetmeel), of
    • de glutenbevattende ingrediënten te vervangen door andere, van nature glutenvrije ingrediënten.

Verder verbiedt de verordening expliciet het gebruik van deze labels op babymelk, wijzend op een eerdere Europese richtlijn die het gebruik van gluten-bevattende ingrediënten voor alle babymelk verbiedt.

Hoewel de kennisgeving al op 25 maart 2014 naar de WTO werd verzonden, lijkt deze tot op heden niet te zijn opgemerkt door de coeliakie-gemeenschap, waarschijnlijk omdat het document nooit echt aangekondigd is en niet snel bij toeval zal worden ontdekt.


Het voorstel was geüpload naar een specifieke EU-WTO-kennisgevingsdatabase genaamd TBT, zonder verdere publieke bekendmaking. Sterker nog, de Europese Commissie lijkt individuele coeliaken aan het lijntje te houden wanneer deze vragen naar deze verordening, door ze bronnen in de gaten te laten houden waar zelfs tot op de dag van vandaag (1 juni 2014) geen publicatie over deze verordening kan worden gevonden, terwijl vertegenwoordigers van de voedingsindustrie al in november 2013 commentaar konden leveren op een eerder wetsconcept. (Update 3 juni 2014: Dhr. Mathioudakis stelt dat de Commissie het eerdere concept gedeeld heeft met lidstaten, niet met belanghebbenden en dat “het feit dat bepaalde belanghebbenden een kopie ervan hebben weten te bemachtigen zou kunnen afhangen van het beleid van nationale autoriteiten met betrekking tot het raadplegen van belanghebbenden”.)

Brondocumenten

(The Serious Celiac bezat of kende deze documenten of hun inhoud niet vóór 31 mei 2014.)

Persoonlijk commentaar
Afgezien van mijn frustraties over het gebrek aan transparantie, moet ik zeggen dat de Commissie een goede manier heeft gevonden om alle partijen tevreden te stellen door het vaststellen van twee nieuwe optionele labels in aanvulling op de bestaande. Ik heb echter een paar opmerkingen: door middel van het additionele label voor voeding waarvan het glutengehalte van glutenbevattende ingrediënten is verminderd. Over de rest van het voorstel heb ik echter nog wel wat opmerkingen:

  • Het voorstel staat toe dat producten die “speciaal geproduceerd” zijn om “glutenbevattende ingrediënten te vervangen door van nature glutenvrije ingrediënten” het label “speciaal geformuleerd voor personen met een glutenintolerantie” voeren. Het voorstel laat echter na uit te leggen hoe zou moeten worden vastgesteld dat er in eerste instantie “glutenbevattende ingrediënten” waren. Telt het oorspronkelijke recept van de grootmoeder van de producent? Als zijn oma’s receptuur vroeg om tarwebloem in de saus, maar de producent besloot om in plaats daarvan maïsbloem te gebruiken, mag hij dan zijn producten labellen als “speciaal geformuleerd voor personen met een glutenintolerantie”? Of zouden we zijn intenties onder de loep moeten nemen, door hem te vragen of hij dit wel “speciaal” voor de coeliakie-patiënten deed? Dit moet verder uitgewerkt worden en hopelijk is de Commissie niet van plan de lokale autoriteiten die beslissingen te laten nemen, want dat zal weer leiden tot verschillen tussen de lidstaten.

    Update 2 juni 2014: Ik kwam er zojuist achter dat de Europese Commissie met deze nieuwe categorie zelfs haar mandaat overschrijdt:

    Voorts dient de Commissie na te gaan hoe kan worden gegarandeerd dat personen met een glutenintolerantie adequaat worden geïnformeerd over het verschil tussen levensmiddelen die speciaal zijn gefabriceerd, bereid of verwerkt om het glutengehalte van één of meer gluten bevattende ingrediënten te beperken, en andere levensmiddelen die uitsluitend van nature glutenvrije ingrediënten bevatten. — Overweging 41, Verordening (EU) nr. 609/2013

    Vergeet niet dat deze overweging pas tot stand kwam na lange en verhitte discussies in zowel het Europees Parlement als de Raad. Uiteindelijk kwamen ze overeen om de Commissie alleen te vragen om met een oplossing te komen voor voeding waarvan het glutengehalte van glutenbevattende ingrediënten was verminderd, met andere woorden: voeding met spul als glutenvrij tarwezetmeel. Niet om een compleet nieuwe categorie “ingrediënten vervangen” te bedenken.

    Als niemand de Commissie heeft gevraagd deze categorie te creëren, waarom hebben ze dat dan toch gedaan? Ik weet niet of het direct bij de dieetvoedingsindustrie vandaan komt, maar het komt hen wel goed uit. Producenten van normale voeding zullen wel wegblijven van dit ziekte-gerelateerde, slecht gedefinieerde label en daarmee krijgt de dieetvoedingsindustrie uiteindelijk toch haar marktbescherming. Ik heb moeite met zo’n twee-klassenlabelling voor wat uiteindelijk dezelfde voeding is (natuurlijk glutenvrij, max. 20 ppm gluten), omdat het de aandacht voor het bestaande “glutenvrij” label zal doen afnemen. Patiënten worden misleid, denkend dat “glutenvrij” gelabelde producten niet zo veilig zijn als de “speciaal geformuleerd” producten (terwijl ze in werkelijkheid allebei tot 20 ppm kunnen bevatten)… En, sterker nog, misschien hebben ze wel gelijk: Met twee-klassenlabelling zouden de voedselautoriteiten best wel eens het gevoel kunnen krijgen dat bij slechts “glutenvrij” gelabelde voeding het handhaven van het maximum glutengehalte minder noodzakelijk is (“Oooh, u kunt echt geen gluten verdragen? Waarom nam u dan niet die die speciaal geformuleerd was voor uw ziekte?”)… Afnemende vraag naar “glutenvrij” gelabelde voeding (t.o.v. “speciaal geformuleerd” gelabelde voeding) leidt tot minder aanbod van de producenten van gewone voeding… Resultaat: Minder (of duurder) aanbod voor de coeliakie-consument.

    Ik ben best bereid te accepteren dat we, op verzoek van Italië, een additioneel “specially formulated” label introduceren, maar dan alleen voor een duidelijk afgebakende categorie levensmiddelen (artikel 3 lid 3 sub a van het voorstel: de glutenvrije tarwezetmeel-achtige voeding), en niet voor een of andere vaag gedefinieerde subgroep van natuurlijk glutenvrije voeding, zoals “ingrediënten vervangen” (artikel 3 lid 3 sub b). Het schrappen van dit idee uit het voorstel zou in lijn zijn met het mandaat van EU 609/2013. (einde update 2 juni 2014)

    Update 6 juni 2014: Eigenlijk ben ik het ook niet eens met de creatie van de “geschikt voor”-categorie, voor veelal dezelfde redenen als die hierboven worden genoemd: Er worden geen aanvullende eisen voor gesteld, dus het biedt in geen enkel opzicht een betere bescherming, en wekt daardoor slechts de valse indruk dat levensmiddelen die alleen een “glutenvrij” label dragen niet geschikt zijn voor personen met glutenintolerantie, of dat niet hoeven te zijn. Producenten van normale voeding en voedselautoriteiten zullen zich minder verantwoordelijk voelen ten opzichte van coeliakie patiënten, omdat ze nooit geclaimd hebben dat hun product geschikt was voor deze groep. We moeten niet vergeten dat het “glutenvrij” label bestaat juist voor personen met een glutenintolerantie, niet voor de mensen die uit levensstijl-overwegingen ervoor kiezen om glutenvrij te eten (GV als hip/dieet/modetrend). Door ons uit het nu zo populaire “glutenvrij”-segment te laten duwen, een nieuwe “geschikt voor mensen die werkelijk die ziekte hebben”-segment in, verliezen we de controle over al het nieuwe aanbod dat de levensstijl-trend ons heeft gebracht. In plaats van dat we ons weer ergens in een hoekje laten drukken, zouden we juist moeten vasthouden aan het “glutenvrij” label, al het nieuwe aanbod dat de reguliere voedselindustrie hierbinnen probeert te introduceren omarmen, en erop focussen dat zij allemaal voldoen aan de eisen die wij stellen voor dat label, en die we misschien in de toekomst zelfs wat aan kunnen scherpen. Een nieuw “geschikt voor” label beschermt alleen de markt van de dieetvoedingsindustrie, beschermt de reguliere voedingsindustrie tegen klachten van patiënten (“als u echt geen gluten mocht hebben, waarom nam u dan niet de voeding die geschikt was voor uw ziekte?”), maar voegt ondertussen niets toe aan de bescherming voor de patiënt. Er werd bovendien niet om gevraagd in Verordening (EU) nr. 609/2013, dus de Commissie gaat hier wederom haar mandaat te buiten.

    Kortom, ik stel voor dat artikel 3 lid 2 ook in zijn geheel wordt geschrapt.

    Update 6 juni 2014 (vervolg): Betreffende de enig overgebleven nieuwe categorie waar ik, in het belang van Italië, nog wel mee kan leven (artikel 3 lid 3 sub a, voeding speciaal geproduceerd om het glutengehalte van glutenbevattende ingrediënten te beperken, lees: glutenvrij tarwezetmeel), denk ik dat de benaming die nu wordt voorgesteld niet de werkelijke betekenis van deze categorie overbrengt en ten onrechte suggereert dat deze levensmiddelen een betere keuze zijn voor gluten-intolerante mensen dan natuurlijk glutenvrije levensmiddelen. Ik stel de volgende benaming voor:

    The food information referred to in paragraph 1 may be accompanied by the statement “specifically formulated to reduce the gluten content of the gluten containing ingredients” if the food is specially produced, prepared and/or processed to reduce the gluten content of one or more gluten containing ingredients. — My proposal

    Nederlandse vertaling:

    De voedselinformatie bedoeld in lid 1 mag* begeleid worden door de vermelding “speciaal geformuleerd om het glutengehalte van glutenbevattende ingrediënten te beperken” als de voeding speciaal is gefabriceerd, bereid of verwerkt om het glutengehalte van één of meer gluten bevattende ingrediënten te beperken. — Mijn voorstel

    (einde update 6 juni 2014)

    * Update 12 juni 2014: Het zou nog beter zijn als het label verplicht zou zijn (“moet begeleid worden” in plaats van “mag begeleid worden”), zodat het als een waarschuwing kan dienen voor de vele coeliakie-patiënten die dit soort voedsel proberen te vermijden.(einde update 12 juni 2014)

  • Wat betreft het expliciete verbod op “glutenvrij” labels op babymelk: Persoonlijk zie ik juist liever wel “glutenvrij” labels op babymelk, zelfs als alle babymelk glutenvrij is, om de eenvoudige reden dat ik niet wist dat alle babymelk wettelijk glutenvrij moet zijn! Worden alle nieuwe ouders geacht Richtlijn 2006/141/EC te kennen? Lijkt me niet. Ik kan me ook niet voorstellen dat enige babymelk-producent er moeite mee zou hebben dit feit aan zijn klanten mede te delen. Zelfs als er producenten zouden zijn die dat niet willen, vind ik dat het de producenten die dat wel willen in ieder geval moet zijn toegestaan om iets hieromtrent aan te duiden. Volgens Fratini Vergano, een Europees advocatenkantoor, kwamen de Duitsers met het idee om “glutenvrij” op babymelk te verbieden en stelden zij in plaats daarvan de aanduiding “geproduceerd zonder glutenbevattende ingrediënten conform de wet” (“produced without gluten-containing ingredients according to the law”) voor. Hoewel deze formulering ook weer tot vragen zou kunnen leiden (“according to the law” klinkt als een voorbehoud), is het beter dan niets. Maar de Commissie heeft deze alternatieve aanduiding niet overgenomen in haar voorstel. Het noemen van “glutenvrij” op babymelk werd verboden, maar het alternatief werd vergeten.

  • Het voorstel schept geen duidelijkheid over het gebruik van “glutenvrij” labels op natuurlijk glutenvrije levensmiddelen. Van wat ik heb vernomen over de situatie onder de huidige wetgeving (sorry, geen bronvermelding), kunnen sommige nationale voedselautoriteiten behoorlijk bekrompen doen over (wat zij noemen) “misleidend” gebruik van glutenvrij-labels, waarbij zij een producent verbieden een “glutenvrij” label op een levensmiddel aan te brengen dat in werkelijkheid wel glutenvrij is, om de enige reden dat die betreffende autoriteit meent dat alle soortgelijke levensmiddelen ook glutenvrij zijn.

    Ik vind dat Europese regelgeving geen ruimte moet laten voor lokale afwegingen op dit onderwerp. Om te beginnen is de term “soortgelijke levensmiddelen” op verschillende manier te interpreteren. Voedingscategorieën die op het eerste gezicht glutenvrij lijken (bijv. yoghurt), kun je in de supermarkt verspreid zien staan tussen de gluten-bevattende varianten (zoals ontbijtyoghurt met tarwe, yoghurt met tarwevezels voor de spijsvertering, etc.). Als coeliakie-consument zou ik graag “glutenvrij” logo’s op yoghurt zien, maar producenten die deze logo’s proberen te gebruiken, kunnen tegen onbereidwillige ambtenaren aanlopen, afhankelijk van het land waar ze in gevestigd zijn.

    Ten tweede zijn er die gevallen van voedsel dat van nature gewoon glutenvrij zou moeten zijn, maar toch besmet met gluten in de schappen ligt, zoals gierst, rijst, boekweit, sorghum, soja, specerijen, sauzen, etc. De lijst van natuurlijk glutenvrije levensmiddelen die te maken hebben gehad met kruisbesmetting groeit maar en groeit maar en lijkt alleen beperkt te worden door het aantal glutentests dat wordt uitgevoerd. Internet-forums staan vol met coeliakie-consumenten die complete (natuurlijk glutenvrije!) voedselcategorieën mijden, zoals maïs, soja, chocolade, etc., omdat ze het onderscheid niet kunnen maken tussen de kruisbesmette producten en de werkelijk glutenvrije producten. Tegelijkertijd weten die producenten die alles in het werk stellen voor een echt glutenvrij product niet zeker dat zij de resultaten van hun inspanningen mogen communiceren naar de markt door middel van een “glutenvrij” label!

    In het huidige klimaat van kruisbesmetting en vervagende grenzen tussen voedselcategorieën, zouden er geen obstakels mogen zijn voor een levensmiddelenproducent die zeker weet dat zijn voeding glutenvrij is, om deze als zodanig te labellen. Helaas vergroot het huidige voorstel dit probleem alleen maar, omdat, wat je mening over dit onderwerp ook is, Overweging 10 simpelweg… onbegrijpelijk is:

    (10) It should also be possible for a food containing ingredients naturally free of gluten to bear terms indicating the absence of gluten, provided that the general conditions on fair information practices set out in Regulation (EU) No 1169/2011 are complied with. In particular, food information should not be misleading by suggesting that the food possesses special characteristics when in fact all similar foods possess such characteristics. — Recital 10 of 25 March 2014 draft

    Nederlandse vertaling:

    (10) Het moet ook mogelijk zijn voor een levensmiddel dat bestaat uit van nature glutenvrij ingrediënten om een tekst te dragen die de afwezigheid van gluten aanduidt, mits aan de algemene voorschriften inzake eerlijke informatiepraktijken zoals neergelegd in Verordening (EU) nr. 1169/2011 wordt voldaan. In het bijzonder mag voedselinformatie niet misleidend zijn door te suggereren dat het levensmiddel bijzondere kenmerken vertoont terwijl in werkelijkheid alle soortgelijke levensmiddelen dezelfde kenmerken bezitten. — Overweging 10 van het voorstel van 25 march 2014

    Het begint goed, met de stelling dat het mogelijk moet zijn voor natuurlijk glutenvrije levensmiddelen om een glutenvrij label te dragen, maar begint dan plots te draaien met een vage verwijzing naar de FIC over “eerlijke informatiepraktijken” en eindigt zelfs met het kopiëren van een stuk tekst daaruit (Art. 7 lid 1 sub c), waarmee de suggestie wordt gewekt dat het in werkelijkheid helemaal niet is toegestaan! Wat een zooitje! En waarom?? Ik vermoed dat de Commissie bang is haar bevoegdheden te overschrijden, bang dat het een deel van een EP/Raad Verordening (de FIC) opzij zou zetten in een eenvoudige uitvoeringsregeling…

    In tegendeel, ik denk dat de Commissie genoeg ruimte heeft om een besluit te nemen ten aanzien van dit onderwerp:

    De Commissie stelt uitvoeringshandelingen vast inzake de toepassing van de in lid 2 van dit artikel bedoelde voorschriften — artikel 36 lid 3 FIC (opmaak toegevoegd)

    Vrijwillig verstrekte voedselinformatie voldoet aan de volgende eisen: [..] zij is niet misleidend voor de consument, in de zin van artikel 7 — artikel 36 lid 2 FIC

    Voedselinformatie mag niet misleidend zijn, met name niet: [..] door te suggereren dat het levensmiddel bijzondere kenmerken vertoont terwijl alle soortgelijke levensmiddelen dezelfde kenmerken bezitten, met name door nadrukkelijk te wijzen op het ontbreken of aanwezig zijn van bepaalde ingrediënten en/of voedingsstoffen — artikel 7 FIC

    Samengevat: De Commissie krijgt de opdracht om een uitvoeringshandeling vast te stellen betreffende de toepassing van de vereiste dat voedselinformatie niet misleidend mag zijn door nadrukkelijk te wijzen op het ontbreken van gluten terwijl in alle soortgelijke levensmiddelen ook gluten ontbreekt. Als nationale autoriteiten moeite hebben te bepalen of deze omschrijving van toepassing is op een bepaald levensmiddel of niet (en ik heb de indruk dat sommigen inderdaad dit eerder het geval achten dan anderen), dan heeft Commissie zeker de taak om dit probleem op te lossen. De Commissie moet in deze niet verzaken door met een dubbelzinnige considerans te komen, maar zou een heldere bepaling moet geven, bij voorkeur omvat in echt artikel.

    Ik stel voor om Overweging 10 te vervangen door de volgende tekst:

    (10) Overwegende de alomtegenwoordigheid van glutenbesmetting in levensmiddelen en het ontbreken van scherpe grenzen tussen voedselcategorieën, moet het ook mogelijk zijn voor een levensmiddel dat bestaat uit van nature glutenvrij ingrediënten om een tekst te dragen die de afwezigheid van gluten aanduidt. — Mijn voorstel

    Punt. Dat is het, geen suggestieve opmerkingen meer over “misleidende” glutenvrij-labels. Dan een echt artikel, laten we zeggen article 3 lid 4:

    4. De voedselinformatie zoals bedoeld in de leden 1 tot en met 3 zal niet worden beschouwd als een misleidende suggestie zoals bedoeld in artikel 7 lid 1 sub c van Verordening (EU) nr. 1169/2011 alleen om het feit dat deze is aangebracht op een levensmiddel dat bestaat uit van nature glutenvrij ingrediënten. — Mijn voorstel

    Op basis van hun persoonlijke symptoomervaringen kiezen veel coeliakie-patiënten ervoor om voedsel gemaakt met glutenvrij tarwezetmeel, haver, voedsel dat 100 ppm gluten kan bevatten, of zelfs voedsel dat 20 ppm gluten kan bevatten, te vermijden. Toch krijgen juist al deze categorieën hun speciale labels die de suggestie wekken dat ze goede keuzes zijn voor coeliakie-patiënten! In deze omstandigheden is het onacceptabel dat natuurlijk glutenvrij voedsel, dat door veel coeliakie-patiënten wordt verkozen boven dieetvoeding, niet ondubbelzinnig wordt toegestaan om ook een glutenvrij markering te voeren.

Strak schema

Volgens het WTO kennisgevingsformulier wil de Europese Commissie de nieuwe wetgeving nog deze maand aannemen. Het moet echter nog steeds besproken worden in de Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid (SCFCAH). Samenvattingen van hun bijeenkomsten vanaf 2012 tot op heden tonen in het geheel geen sporen van gluten-besprekingen en hun volgende vergadering staat gepland op 13 juni 2014 (de eerste daarna is 17 oktober 2014).

Mogelijke verklaringen voor het strakke tijdschema zouden kunnen zijn dat de kwestie al eerder is afgekaart in een achterkamertje, of dat de discussie wel heeft plaatsgevonden in een SCFCAH vergadering, maar uit de notulen is gelaten. De bespreking van de voorafgaande gedelegeerde handeling op 24 mei 2013 in een vergadering van de FIC Expertgroep werd ook aangekondigd in de Agenda, maar weggelaten uit het Beknopt verslag. Volgens Basil Mathioudakis, hoofd van de verantwoordelijke unit van de Commissie vond er in die vergadering geen discussie plaats over de inhoudelijke regelgeving.

Hoe je stem te laten horen

Gegeven de late ontdekking van deze documenten, de beperkte tijd die er nog is volgens het tijdschema van de Commissie, het half jaar voorsprong dat de voedingsindustrie heeft gekregen, en het gebrek aan informatie over de individuele SCFCAH leden, adviseer ik je om, als je belangrijke opmerkingen hebt, ofwel direct contact op te nemen met Basil Mathioudakis, of een reactie achter te laten op deze blog post, waarnaar ik hem een link zal sturen. Je zou ook je nationale ministerie, voedselautoriteit, patiëntenvereniging, universiteit of onderzoekscentrum kunnen vragen of zij weten wie er naar de SCFCAH meeting gaat. Deel je bevindingen met andere coeliakie-patiënten in het reactieveld hieronder.

Reageren is mogelijk in iedere EU-taal. Gebruik Google Translate om de reacties van anderen te lezen.

7 gedachten over “EU: Twee nieuwe voedseletiketten voor glutenintolerantie per 2016”

  1. Thank you, what an excellent analysis of what is going on regarding the legislation about providing information about gluten in food to consumers who are intolerant to gluten. I am glad you informed us. This is my opinion.

    Very low gluten?

    Products with the label ‘very low gluten’ are in the Netherlands usually not recommended to people with celiac disease; doctors and dieticians tell their patients that these products are not safe to eat. Eating more products with 100 ppm gluten a day, may cause adverse health effects, because the total amount of ingested gluten may increase above 10 mg. For patients with celiac disease, it is recommended to stay beneath that level. I have a pretty good overview of all the gluten-free products in our country and in fact I know only one item, biscuits, that says ‘very low gluten’ on the label. Hundreds of other gluten-free food products contain gluten below 20 ppm. Consumers don’t want products with higher amounts of gluten in it. They want to eat products that are palatable, healthy and safe. This <100 ppm category is not helpful in daily life for people with celiac disease in the Netherlands. We can do without it.

    Consumers should not be misled or confused

    I totally agree with the statement that people who eat gluten-free for health reasons, should not be misled or confused by information on the package. But… the current interpretation of ‘gluten-free’ is already misleading to many patients. They don’t expect that ‘gluten-free’ products can still contain small amounts of gluten. They believe that these products contain no gluten at all (0 ppm). In fact, even gluten-free bread, pasta and flour contain small amounts of gluten (above 0 ppm and below 20 ppm). Besides that, every celiac disease organization knows that a part of the patients with celiac disease cannot tolerate products that are called ‘gluten-free’ but contain ‘modified/ hydrolyzed/ gluten-free wheat starch’. This means that eating gluten-free is not automatically a risk-free option. People with celiac disease have to find out if products with modified wheat starch are safe or not, fitting to their personal tolerability level. Unfortunately it is not known how many people are confronted with health problems after consuming products with modified wheat starch, but it is a fact that many people do (as can be confirmed by celiac disease organizations in countries where these products are available). This leads to my next remark.

    ‘Suitable for people intolerant to gluten’

    In the current proposal, food information on the package of gluten-free/ very low gluten products may in the future be accompanied by the statement ‘suitable for people intolerant to gluten’. Says who? My doctor? My dietitian? The food industry? The European Union? I do have a great problem with this statement. It shifts the attention from characteristics of the product towards characteristics of the consumer. How do you know if the food product is safe for/ can be tolerated by a particular consumer? This is a health statement that should not be made. What happens when the product contains too much gluten for the individual with celiac disease who is very sensitive? Or when the product contains ingredients that are not tolerated well by the individual patient? Where do consumers go to, when they experience adverse health effects after eating supposedly ‘suitable’ products? When their antibodies against gluten don’t disappear in their blood, when their intestinal damage remains, when they get another auto-immune disease, when they experience complications besides celiac disease? So let the consumer decide if the food product is safe/ suitable for him or her. There are many reasons why gluten-free food products actually might not be suitable for anyone with celiac disease: because of the (too high) amount of gluten in it, because of the presence of modified wheat starch, because of the presence of lactose or other ingredients that people are intolerant to (seeds, guar gom, hydroxypropylmethylcellulose, yeast, wheat hydrolysates like dextrose, etc.) or grains that are not tolerated well (like teff or oats). And this is beside the health aspects of the products, the amount of fiber, vitamins and minerals, and the amount of sugar and fat. One product may be more suitable to the dietary needs of an individual than the other. The consumers have to decide about this. Not the supplier, or the manufacturer, or the legislator. The legislator has to ensure that a variety of food products is available, which suits the needs of the gluten-free consumers. I am totally happy with the text ‘gluten-free’ on many food products, I really don’t want a statement ‘suitable for people intolerant to gluten’ that is not true for part of the celiac community.

    Different levels of tolerance to gluten

    The proposed regulation states that the tolerability to gluten may differ between people intolerant to gluten. This raises the question: how much gluten can be tolerated? This differs between patients with celiac disease, and this can even change over time in the same individual. After being diagnosed with celiac disease, patients can become more sensitive to gluten, or the opposite might happen, that disease symptoms disappear completely, and that accidental exposure to gluten does not cause any detrimental effects. Patients with celiac disease should be the captains of their own gluten-free diet. This means: choosing the options that fit to their own needs, for example with enough fiber, or with high iron content, no lactose or no wheat derivatives. The information on the package should provide consumers with the information they need. They can find the amount of fiber, the presence of (modified) wheat, the amount of carbohydrates, fat, peptides, etc. But one thing is missing: they cannot find the amount of gluten they are ingesting. And that is the most important information for patients with celiac disease! To know that food contains less than 20 ppm of gluten is not enough. It makes a huge difference whether a person with celiac disease eats gluten-free bread with 15 ppm gluten on a daily basis, or with 3 ppm gluten, especially when symptoms don’t disappear, blood tests reveal high antibody titers and the intestines remain damaged (which is a great concern to many patients, with and without symptoms). Some manufacturers put a text on the label of their gluten-free product like ‘below 5 ppm’, which is very welcome. Manufacturers should be encouraged to provide consumers with information about the amount of gluten in their products. In addition to this, particularly one group of patients has no ‘varied choice of gluten-free products’ at all. I am referring to the patients that turn to a ‘gluten contamination elimination diet’ (Hollon, http://www.biomedcentral.com/1471-230X/13/40) and who are considered to have ‘refractory celiac disease’ (their intestines don’t heal and this may be a life threatening situation) but who in fact consume too much gluten. A 0 ppm option for gluten-free bread, flour and pasta is still lacking. These patients turn to a diet without any ‘gluten-free’ bread and dietary products (which are always slightly contaminated with gluten), but stick to fresh fruits, fresh vegetables, potatoes and rice (in the book ‘Glutenfreedom’ Alessio Fasano tells about the many people with nonresponsive celiac disease; they are placed on this ‘0 ppm gluten’ diet because of remaining symptoms that cannot be explained by their eating patterns after dietal survey from a skilled dietician; when the amount of ingested gluten is drastically reduced, symptoms disappear in the majority of nonresponsive celiac disease patients and the amount of cases of refractory celiac disease is reduced).

    Label ‘gluten-free’ on naturally gluten-free products

    I agree with every sentence of your comment on this issue. The everyday menu of patients with celiac disease does not only consist of dietary products like gluten-free bread, pasta and cookies, but also contains many other products, like coffee, soups, sauces, icecreams, desserts, candy, nuts, meat products, etc. It is very pleasant for consumers to know if the nuts they buy are safe or not, if the yoghurt they want to eat is safe, etc. It is a myth to think that ‘all similar products are gluten-free’. The risk of contamination has grown dramatically, especially since the last ten years the production of wheat has doubled (http://www.wageningenur.nl/nl/Publicatie-details.htm?publicationId=publication-way-343531373735) and since the price of wheat in Europe has become lower than the price of maize (since 2010/2011, information from my personal contact with many manufacturers). Gluten/ wheat is not only a cheap ingredient, it has many convenient characteristics for the food industry. It can be used as a binder, a filling agent, sweetener, preservative, glazing agent, etc. Furthermore the use of ‘vital wheat gluten’ in the food industry has increased substantially (http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC3573730/). In this light, eating gluten-free has become a challenge. Two opposing developments have taken place in recent years. On the one hand the maximum gluten content allowed in gluten-free foods has decreased from 200 ppm to 20 ppm. On the other hand the risk of contamination has increased dramatically. Don’t forget that the ingredients on the package just tell half of the story. That is what the manufacturers intentionally put in the product. But the other part of the story is the reality that people with celiac disease are confronted with many products contaminated with gluten, which forms a threat to their health. Unfortunately the label does not help, as the presence of gluten and the amount of gluten is not expressed on the label. Like you, I want manufacturers of ‘naturally glutenfree products’ to have the opportunity to express the absence of gluten on the label of their product (as well as the presence…)

    Gluten-free infant formulae

    It is well known, that in Sweden a celiac disease epidemic occurred among young children. That happened at the moment that baby-milk was enriched with proteins derived from wheat. When they discovered that the use of wheat proteins was the cause of the celiac disease epidemic, the wheat derived proteins were taken immediately out of the baby milk. For parents with small children, it is necessary to know that the baby milk they buy is free from gluten, and has no wheat derived ingredients in it.

    Removal of gluten from gluten-containing grains

    My last point of concern regards the safety of products in which the amount of gluten is reduced by technological methods. It is well known that some beers that carry a ‘gluten-free’ label are not safe for celiac disease patients (mass spectrometrie reveals substantially higher amounts of gluten than ELISA methods). In the US the rules for the declaration of gluten in beer have been recently established: http://celiac.org/blog/2014/03/10/ttb-revises-gluten-free-guidelines-in-light-of-recent-fda-ruling/ The US label on beer must tell the consumers that the gluten content of beer cannot be measured properly. I don’t know which products are meant in the proposed regulation and which techniques are applied to lower the amount of gluten: products with hydrolysed wheat? With sourdough (recently mass spectrometrie revealed that the ELISA test underestimates the amount of gluten in sourdough products)? With fermented soy? I hope the CODEX Commission will adopt better test methods to guarantee the safety of the food in which gluten has been removed.

    This is my response from a patients perspective, with kind regards, Tine Aarsen

    1. Hi Tine,

      Thanks for your comments, glad you liked my piece! You bring up a couple of good points.

      Regarding the “very low gluten” (max. 100 ppm) label, I have no need for it either. Actually the Codex (Art. 2.1.2) leaves the decision on the marketing of such products to the national states, so the EU is quite free to repeal this label. This might be exceeding the mandate for this proposal, but should certainly be considered next time.

      As I wrote in my update of yesterday, by now I also realize that the “suitable for people intolerant to gluten”-label needs to go. It adds nothing and detracts from the credibility of the “gluten free” label. (It took a couple of days of letting the proposal sink in for me to realize this.)

      I agree that producers should be allowed to voluntarily make claims of gluten contents below 20 ppm, such as “< 5 ppm gluten”.

      Regarding the 0 ppm gluten/Fassano/gluten contamination elimination diet you mention, I assume the requirements for this should be: 1. ingredient requirement (“naturally gluten free ingredients”), 2. process requirement (“specially produced to prevent to avoid contamination”), and 3. the strictest output requirement (“no detectable gluten”). In my eyes, products adhering to all three of these requirements can even label themselves as ”best choice for people intolerant to gluten”. Alternatively, these three requirements could be applied to the otherwise useless “suitable for”-label.

      Regarding the use of wheat or gluten in baby milk, Directive 2006/141/EC disallows the use of ingredients containing gluten as carbohydrate sources in follow-on formula, and provides that starch used in infant formula should be naturally gluten free, but I don’t immediately see where it would disallow the use of wheat as a source for carbohydrates such as glucose and malto-dextrin. Regarding proteins, there are three categories of baby milk: 1. proteins from cows’ or goats’ milk, 2. protein hydrolysates, and 3. soya protein isolates, possibly mixed with cows’ or goats’ milk proteins. As far as I can see now, there are no requirements regarding the source of the hydrolyzed proteins for that second category, so it seems these can be wheat-derived as well. Again, I’m not an expert on this Directive, so correct me if I’m wrong. Anyway, the composition of baby milk is out of the scope for the labelling proposal we are talking about now.

      Regarding the shortcomings of R5 ELISA as a detection method: Unfortunately the EU does not have much maneuvering space, because the Codex designated R5 as the Defining Method (Type I), meaning this method is the only method allowed, even if other methods are (currently) superior. This was done at the explicit request of Hertha Deutsch of the Association Of European Coeliac Societies (AEOCS) (Codex meeting 2010, item 115). Her remark at the recent 2014 Codex meeting (page 7) seems to indicate she now also wants to reconsider this rigid choice. It is also interesting to note that developing countries have complained about the costs of designating a proprietary method as a Type I or II-method (e.g. item 64 of this 2012 Codex meeting, and China’s comments), providing another reason why the status of R5 ELISA should be lowered and alternative detection methods should be allowed.

      Best regards,
      Peter

  2. Hi Peter,

    Very low gluten (100 ppm)

    I am glad you agree that the ‘very low gluten’ label of max. 100 ppm can be missed. Moreover, that’s the general opinion amongst Dutch medical experts in the field of celiac disease, like pediatrician Dr. Kneepkens, who argues that products with 100 ppm should not appear on the menu of celiac disease patients, especially in the light of the high risk of contamination with gluten in regular food items (http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC3378840/).

    0 ppm gluten products

    I agree with most of your remarks, they are very thoughtful. However, you might reconsider your suggestion to name 0 ppm gluten products ‘best choice’. In my opinion, it depends on the individual situation and the actual state of health of a patient with celiac disease. For many patients, the current 20 ppm label works fine – at least most of the time. But I feel that there should be more options within the gluten-free diet, with a consumers’ choice to select products that fit into their personal health state, on any time in life, and ranging from no gluten et at all (0 ppm) to products with a very low gluten level (‘below 5 ppm’ for example) or with wheat derivatives in it (which generally appear to be more palatable, but with a higher ppm of gluten). I know many celiac disease patients who remained ill after eating gluten-free bread on an every day basis with a level of 15 ppm gluten in it, but who recovered after starting to eat bread with less than 5 ppm of gluten.

    Instead of your label ‘best choice’ I suggest a formulation like ‘zero ppm gluten’ or ‘supersafe’. Until now the zero ppm options are missing in the gluten-free range of products. And that’s very strange, because more than 50% of celiac disease patients have signs of an (ongoing of temporary) active disease because of the ingestion of too much gluten (http://www.discoverymedicine.com/Rohini-R-Vanga/2014/05/22/novel-therapeutic-approaches-for-celiac-disease/). Of course new therapies are invented to give an alternative to the gluten-free diet, but why not give celiac disease patients more tools to ‘manage’ their gluten-free diet, choosing between products with more or less gluten, depending on their actual state of health? In this light, eating food that fits into a persons’ actual state of health, is also a treatment. And a very simple one… Patients with celiac disease who become inadvertently ‘glutened’ can temporarily reduce the amount of gluten being ingested, and regain health quicker. Patients with celiac disease who are very ill after being diagnosed might also choose to eat as little gluten as possible, to recover sooner (or to return to work sooner, or to leave hospital sooner, or to live without parental nutrition). And people with remaining complaints or with a relapse in their diet might also turn to zero ppm gluten food. Also patients who experience complications can choose products with a lower amount of gluten to optimize their health. And of course, the most sensitive patients will look for food products without any gluten at all. The three requirements you mention to create zero ppm gluten options, sound as music in my ears. New mass spectrometry methods can be used to safeguard the absence of gluten. I am really looking forward to the introduction of new food items with zero ppm gluten.

    Baby milk

    I am not an expert on baby-milk too, but if I had a baby right now, I would like to know if the baby-milk is gluten-free (especially since I know that celiac disease is present in our family), and also if this milk does not contain any peptides derived from wheat, because that might increase the risk of developing celiac disease in my child…. which is clearly demonstrated by the Swedish celiac disease epidemic.

    R5 ELISA

    My opinion is that we have to move forward and to take advantage of newer technologies that have been invented after the introduction of the R5 ELISA as ‘the number one method’. Better methods to accurately measure and reveal the presence of gluten in food products are very welcome, because it will improve the health of many celiac disease patients.

    With kind regards, Tine Aarsen

    1. Regarding the 0 ppm gluten category: I see your point, the wording of a label should not try to give some judgement on the suitability of the product for an individual, because everybody is different and has different circumstances. Labels like “suitable for…”, “specially formulated for…” and “best choice for…” should indeed be avoided. It’s best if a label can just clearly say what one can expect from the product, so I like your suggestion of simply calling it “zero ppm gluten” (a voluntary label with 3 requirements: naturally gluten-free ingredients, contamination prevention in the entire chain, and no detectable gluten in the end product).

  3. It is hard enough for most consumers to get their heads around the current 20ppm and 100ppm regulations so the suggestion that these should be enormously further complicated for the benefit of one special interest groups is totally unacceptable.
    Setting the 20ppm limit for ‘gluten free’ is not perfect and does not cover everyone’s needs, but it is workable; these proposed new regulations are totally unworkable and will only cause confusion resulting in poorer compliance and sicker people.
    I hope the commission realises this before they go any further with them.

    1. Hi Michelle,

      Thanks for your great comment. Before Friday, I will be sending an e-mail to Basil Mathioudakis of the Commission to tell him about to the comments that came in. But it never hurts to also try to influence your country’s representative in the SCFCAH, if you can find that person.

      All the best,
      Peter

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.